bureau@lbrt.nl

home » tijdschrift

Tijdschrift | Tijdschrift voor Remedial Teaching

Inhoudsopgave tijdschrift van september 2007, 15e jaargang, nr. 4

Hulpverlening helpt..., maar werkt het ook?

Marja van Duin en Marianne Kleijnen

Dit artikel is een korte inleiding op de gastlezing tijdens de Vakbeurs Remedial Touch op 26 september a.s. in de Jaarbeurs te Utrecht. Het artikel schetst in hoofdlijnen de kernpunten van de lezing en belicht een aantal aspecten van remedial teaching.
De kernvraag is: Hoe kan de remedial teacher handelingsgericht werken binnen het continuüm van zorg?

Het stimuleren van getalbegrip bij jonge kinderen met leerproblemen: casus Tina

Lih Sug Hsien en Diny van der Aalsvoort

In dit artikel staat een behandeling beschreven die gericht is op het stimuleren van getalbegrip door vroegtijdige reken-wiskundige interventie. De behandeling vond plaats bij Tina, een zesjarige leerling van een speciale basisschool. De eerste auteur voerde de behandeling uit in het kader van haar bachelorproject. De behandeling bestond uit twaalf sessies, waarbij per week twee sessies plaatsvonden.
In de sessies deden we zowel oefeningen over rekenvoorwaarden als teloefeningen. Ook maakten we gebruik van rekenspelletjes. De theoretische achtergrond van de keuze voor de behandelinhoud, de behandelinhoud zelf en de gevonden effecten zijn beschreven.

Column: Leer je met ’chunks’ communiceren in een vreemde taal?

Ans van Berkel

In veel leergangen worden zinnen aangetroffen onder kopjes als ‘Hoe zeg je’, ‘Wat zeg je?’, ‘Stones’, ‘Redemittel’, ‘Taalriedels’ en dergelijke. Het gaat daarbij om taaluitingen die je zou kunnen gebruiken om taalhandelingen uit te voeren. Daarmee wordt bijvoorbeeld het vergelijken van dingen bedoeld, zeggen dat je het ergens wel of niet mee eens bent, een compliment maken, informatie vragen, vreugde of verdriet uitdrukken. Bij deze communicatieve benadering van het taalonderwijs ligt de nadruk minder op het taalsysteem – de woorden en de grammatica – en meer op wat je met taal kunt doen.
Het is de bedoeling dat de leerling eerst eenvoudige taaluitingen leert om een bepaalde taalhandeling onder woorden te brengen, en dat dat in de loop der jaren complexer wordt.

Kinderen met auditieve verwerkingsproblemen in het reguliere onderwijs

Erwin Baas en Nicoline Mostert

‘Hè, wat zeg je?’ Natuurlijk zijn ze er, de dromers en de kinderen die ‘oostindisch doof’ zijn. Als ze geen zin hebben, de blik op oneindig staat of ze diep in hun boek zitten, zijn ze niet te bereiken. Maar er is ook een andere groep kinderen die daar op het eerste gezicht wat op lijkt. Ze hebben misschien al eens een gehoortest gehad omdat er twijfels waren, maar daar kwam niets afwijkends uit. Toch lijken ze in de praktijk van de klas wel slechthorend. Opdrachten hebben ze maar half gehoord, uit hun gedrag of beantwoording leid je af dat ze je niet goed hebben verstaan. Als je ze één op één hebt gaat het overigens wel goed. Aan het einde van de schooldag gaan ze doodmoe naar huis, of ze hebben de strijd al opgegeven…

In gesprek met ... Els van Engelen
Over de cursus ‘Schrijven van handelingsplannen’ in het voortraject van de registratie

Petra van de Ree

Sinds een aantal jaren geven Herm Verbugt en Henk van Es1 de cursus ‘Schrijven van handelingsplannen’ ter ondersteuning van remedial teachers die in aanmerking willen komen voor de LBRT- registratie. Deze cursus beslaat meestal vier dagen waarin zij de cursisten begeleiden en informatie geven over het maken van handelingsplannen, met de bedoeling dat zij een aanvraag voor registratie gaan indienen. Over de meerwaarde van registratie en het nut van deze cursus volgt hieronder het interview met een cursiste.

Interventieprogramma Engels: een uitgelezen kans – een repliek –

Esther Steenbeek-Planting en Ria Kleijnen

In dit artikel willen wij als auteurs van het Interventieprogramma Engels reageren op het artikel van Rinie Hoeks-Mentjens (Tijdschrift voor Remedial Teaching 2007/3), waarin zij het Interventieprogramma Engels bespreekt. Het interventieprogramma beoogt een bijdrage te leveren aan de begeleiding en coaching van leerlingen met lees- en spellingproblemen (dyslexie) bij het vak Engels. We bespreken doel, opzet, methodiek en het gebruik in de praktijk, waar Hoeks-Mentjens’ artikel nadere uitleg of correctie behoeft.
Tevens tonen we met empirisch onderzoek aan, dat het interventieprogramma van toegevoegde waarde is voor zowel vmbo als havo/vwo. Het is vervolgens aan de lezer om zich op basis van beide artikelen een goed oordeel te vormen over nut en bruikbaarheid van het Interventieprogramma Engels.

Op zoek naar bouwstenen voor een inclusieve basisschool

Anja Timmermans-van Schijndel

Recht op kwalitatief onderwijs in de eigen buurt voor elk kind.
Dat is inclusief onderwijs.
Zo zou het moeten zijn.
Zo zou het vanzelfsprekend moeten zijn.
In dit artikel ga ik op zoek naar bouwstenen voor inclusief onderwijs in mijn dagelijkse leven als remedial teacher op een reguliere basisschool, als lid van het zorgplatform in een samenwerkingsverband PO en als student. Ik beschrijf in de doorkijkjes alledaagse gebeurtenissen en ontmoetingen en ga vervolgens op zoek naar relevante theoretische achtergronden. Daarbij heb ik, gezien de grote hoeveelheid recente publicaties over inclusief onderwijs, zeker niet de intentie volledig te zijn. Ik ga uit van de praktijk van alledag waar, met vallen en opstaan, voorzichtig de fundamenten worden gelegd en de bouwstenen aanwezig zijn voor een inclusieve(re) school.

Tikkie, jij bent ‘m
Het spelenderwijs oefenen van de telrij is van groot belang

Julie Menne

In de rekenles moet er geoefend worden. Keer op keer. Dit geldt ook voor het leren van de telrij en het ontdekken van structuren daarin. Oefenen is effectief als het interactief en groepsgewijs gebeurt, iedereen boeit en ook nog een maximale opbrengst heeft voor de leerlijn. Dat is mogelijk. Hierna wordt uiteengezet hoe het spel ‘Tikkie, jij bent ‘m’ beantwoordt aan deze eisen en daarmee meer perspectief biedt dan wanneer kinderen bijvoorbeeld individueel schriftelijk de telrij oefenen of hem klassikaal opdreunen. Er wordt bij dit spel vanuit gegaan dat de kinderen zich reeds bevinden op het niveau van puur tellen-en-rekenen, zoals dat eind groep 2, begin groep 3 wordt verondersteld.1

1 Op het niveau van puur tellen-en-rekenen kunnen kinderen aantallen tot tien representeren met bijvoorbeeld vingers, streepjes en stippen, en deze vaardigheid in toepassingssituaties van ‘erbij’ en ‘eraf ’ benutten. (Treffers e.a., 1999, p.23).

Bureau LBRT | Kosterijland 7 | 3981 AJ Bunnik | tel 030-6571020
© 2001-2007 Landelijke Beroepsvereniging Remedial Teachers

niet ingelogd