bureau@lbrt.nl

home » tijdschrift

Tijdschrift | Tijdschrift voor Remedial Teaching

Inhoudsopgave tijdschrift van december 2004, 12e jaargang, nr. 4

Protocol Dyslexie Voortgezet Onderwijs
“Kennis moet praktijk worden”

Herm Verbugt

Op 1 december 2004 heeft de overdrachtsconferentie van het Protocol Dyslexie Voortgezet Onderwijs plaatsgevonden. Met o.a. de zin ‘kennis moet praktijk worden’ opent Heleen Schoots als projectleider van de werkgroep Protocol Dyslexie Voortgezet Onderwijs haar inleiding ter gelegenheid van de officiële presentatie van het Protocol.
Dit artikel geeft u een impressie van deze dag en een korte blik op de inhoud van het protocol, waaraan door de werkgroep ruim twee jaar gewerkt is.

In gesprek met… Hanneke Wentink

Medeauteur van protocollen Leesproblemen en Dyslexie (s)bao

Het Protocol Leesproblemen en Dyslexie voor groep 5 – 8 is uit
Josée Gruwel

Stel je loopt in de woestijn. Je hebt een kameel en bagage bij je. Je hoopt dat je op de goede route zit. Overdag wordt het je soms erg heet onder de voeten. ’s Nachts in de vrieskou voel je je een wereldreiziger die alleen reist. Boven je is de lucht rijk aan sterren. Je hoopt dat je morgen een waterput vindt.
Dan verschijnt er een gids. Hij is één met de woestijn. Hij neemt je aan de hand, vertelt je hoe je zonder omwegen de weg kunt vinden. Hij weet de bronnen, kent het woestijnleven door en door, leert je hoe je door de positie van de sterren je plek kunt bepalen, waarschuwt je voor fata morgana’s. Een leermeester die een professional van je maakt.
Het Protocol Leesproblemen en Dyslexie voor groep 5 – 8, ontwikkeld door Hanneke Wentink en Ludo Verhoeven van het Expertisecentrum Nederlands uit Nijmegen, is als zo’n gids. Het biedt een vastomlijnd kader, waarbinnen de aanpak van leesproblemen op een controleerbare en efficiënte manier gestalte kan krijgen. Op één van de eerste pagina’s staat dat het een handreiking voor leerkrachten, ib’ers en rt’ers is. Maar het is meer dan dat. Het is een fascinerend handboek, een must voor elke (aanstaande) leerkracht, ib’er en rt’er.

Een onderzoek naar ervaringen van dyslectische leerlingen in het Voortgezet Onderwijs

Jos Theunissen

Samenvatting onderzoek: Margo van Grinsven

Door het verschijnen van Het Protocol Dyslexie voor het Voortgezet Onderwijs komt er misschien een einde aan het wel of niet willen treffen van maatregelen ten behoeve van de dyslectische leerling. Tot nu toe zijn de leerlingen vaak afhankelijk van de goodwill en de deskundigheid van de school.
Ruim anderhalf jaar geleden werd op verzoek van de leiding van het project ‘Ontwikkeling van het Protocol Dyslexie voor het VO’ een onderzoek uitgevoerd dat zich richtte op de ervaringen van dyslectische leerlingen in het voortgezet onderwijs. Het onderzoek richtte zich vooral op de maatregelen die scholen voor het voortgezet onderwijs nemen op het gebied van dyslexie. Hieronder volgt een samenvatting van de reacties van de leerlingen die voor dit onderzoek werden geïnterviewd.

In de rugzak

Margo van Grinsven

Door invoering van de leerlinggebonden financiering heeft men een aantal maatregelen willen treffen om onder andere te komen tot een oplossing voor de wachtlijsten en de thuiszitters. Samenwerking tussen de (v)so scholen in de Regionale Expertise Centra moet resulteren in een efficiënter gebruik van de beschikbare capaciteit. Daarnaast mogen reguliere scholen en scholen voor (v)so een leerling niet meer weigeren op grond van de handicap en moeten de Regionale Expertise Centra ouders ondersteuning bieden bij het vinden van een voor hun kind geschikte school. In de zomer is de zesde Voortgangsrapportage LGF verschenen en eind 2004 zal de minister samen met de Tweede Kamer de invoering van de leerlinggebonden financiering evalueren.

Effectiviteit en praktische bruikbaarheid van de ReadingPen
Een onderzoek

L. van Wilderen en J.H.M. Hamers

Onderzoek naar de effectiviteit en praktische bruikbaarheid van de ReadingPen (de leespen) is sporadisch vanwege het feit dat het instrument relatief nieuw is. De pen kan dienen als hulpmiddel bij het lezen. Leerlingen met leesproblemen en dyslexie zouden daar voordeel bij hebben. We plaatsen kritische kanttekeningen bij het gebruik van het instrument. Om de effectiviteit en bruikbaarheid van de ReadingPen met meer zekerheid te kunnen vaststellen zou wellicht een langduriger onderzoek moeten worden uitgevoerd.

Een onderzoek naar ervaringen van dyslectische leerlingen in het Voortgezet Onderwijs

Jos Theunissen
Samenvatting onderzoek: Margo van Grinsven

Door het verschijnen van Het Protocol Dyslexie voor het Voortgezet Onderwijs komt er misschien een einde aan het wel of niet willen treffen van maatregelen ten behoeve van de dyslectische leerling. Tot nu toe zijn de leerlingen vaak afhankelijk van de goodwill en de deskundigheid van de school.
Ruim anderhalf jaar geleden werd op verzoek van de leiding van het project ‘Ontwikkeling van het Protocol Dyslexie voor het VO’ een onderzoek uitgevoerd dat zich richtte op de ervaringen van dyslectische leerlingen in het voortgezet onderwijs. Het onderzoek richtte zich vooral op de maatregelen die scholen voor het voortgezet onderwijs nemen op het gebied van dyslexie. Hieronder volgt een samenvatting van de reacties van de leerlingen die voor dit onderzoek werden geïnterviewd.

In de rugzak

Margo van Grinsven

Door invoering van de leerlinggebonden financiering heeft men een aantal maatregelen willen treffen om onder andere te komen tot een oplossing voor de wachtlijsten en de thuiszitters. Samenwerking tussen de (v)so scholen in de Regionale Expertise Centra moet resulteren in een efficiënter gebruik van de beschikbare capaciteit. Daarnaast mogen reguliere scholen en scholen voor (v)so een leerling niet meer weigeren op grond van de handicap en moeten de Regionale Expertise Centra ouders ondersteuning bieden bij het vinden van een voor hun kind geschikte school. In de zomer is de zesde Voortgangsrapportage LGF verschenen en eind 2004 zal de minister samen met de Tweede Kamer de invoering van de leerlinggebonden financiering evalueren.

 

Effectiviteit en praktische bruikbaarheid van de ReadingPen
Een onderzoek

L. van Wilderen en J.H.M. Hamers

Onderzoek naar de effectiviteit en praktische bruikbaarheid van de ReadingPen (de leespen) is sporadisch vanwege het feit dat het instrument relatief nieuw is. De pen kan dienen als hulpmiddel bij het lezen. Leerlingen met leesproblemen en dyslexie zouden daar voordeel bij hebben. We plaatsen kritische kanttekeningen bij het gebruik van het instrument. Om de effectiviteit en bruikbaarheid van de ReadingPen met meer zekerheid te kunnen vaststellen zou wellicht een langduriger onderzoek moeten worden uitgevoerd.

Reactie op het voorgaande onderzoeksartikel “De ReadingPen, “Effectiviteit en praktische bruikbaarheid van de ReadingPen”

Ria Janssen

Als dyslexie specialist van Lexima BV heb ik met belangstelling kennisgenomen van het onderzoek van Van Wilderen en Hamers. Het onderzoek richtte zich op de effectiviteit en praktische bruikbaarheid van de ReadingPen. De onderzoeksopzet vertoont sterke overeenkomsten met het pilotonderzoek dat van der Helm, Koninck en Douma 1) uitvoerden. Deze onderzoekers stelden een licht remediërend effect van de ReadingPen op het lezen vast en een overtuigende invloed op het competentiegevoel en de zelfstandigheid van de leerling. Zij wezen op de beperkingen van hun kleinschalig onderzoek, dat met 12 leerlingen met een forse leesachterstand in het Speciaal Voortgezet Onderwijs (AVI 2 t/m 9) werd uitgevoerd gedurende een periode van slechts acht weken. Ze adviseerden dan ook vervolgonderzoek met grotere proefgroepen om het remediërende effect van de ReadingPen beter vast te kunnen stellen.

1) Van der Helm P, M.E. Koninck, N.M. Douma. De ReadingPen, een onmisbaar studiemaatje bij dyslexie? In: Tijdschrift voor Remedial Teaching 2003/1, 24-28.

Good practice: De rol van de rt’er in het veranderende VMBO

Geesje Oosting

‘Juf, ik snap de schrijfopdracht niet!’ Achter deze hulpvraag zit een leerling in de eerste klas van het VMBO. Ze is bij de eerste screeningsronde voor dyslexie “opgevallen” en gaat nu verder met de tweede ronde. Ik ben haar docent Nederlands en tevens één van de rt’ers op school. De remedial teaching vindt plaats ín de les.

Column Dyslectische fouten?

Ans van Berkel

"Alleen dyslectische fouten tel ik niet mee, alle andere spellingfouten wel", aldus een lerares Engels tijdens een nascholing. Volgens haar zijn omkeringen zoals in *grils (girls) of *wathc (watch) en fonetische fouten zoals in *tsjers (chairs) kenmerkend voor dyslectici. Deze docent is zeker niet de enige die zo over spellingfouten denkt. Zijn zulke fouten inderdaad typisch voor dyslectici? Om die vraag te kunnen beantwoorden wil ik eerst ingaan op de twee manieren van foutenanalyse waarvan de voorbeelden blijk geven.

Modellen voor adaptief onderwijs

Dries Emmen

In ons land zijn de laatste jaren de volgende nieuwe maatschappelijke tendensen ingezet:

  • Van normalisatie naar burgerschap
  • van zorgverlening naar ondersteuning, de zorgverlening ontwikkelt zich van hulpverlening, via alarmering naar afstemming.
  • Vanuit emancipatorisch oogpunt worden kinderen met speciale behoeften geïntegreerd

Tot voor een paar jaar geleden kenmerkte onderwijsland zich door een woud van vele verschillende scholen voor speciaal onderwijs. Dit werd geherstructureerd in twee grote afdelingen: speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs. Het speciaal onderwijs kent nu nog vier specialisaties. De gedachte van “Weer Samen Naar School” werd steeds duidelijker zichtbaar. En werd vertaald in de wet WPO (Wet Primair Onderwijs). Hierin heeft de relatie speciaal basisonderwijs en regulier basisonderwijs vorm gekregen. Momenteel reflecteert het onderwijs zich op de gedachte “Omgaan met verschillen”. Kinderen met speciale behoefte behoren steeds vaker een plaats binnen het reguliere onderwijs te krijgen. In de WEC (Wet Expertise Centra) heeft de relatie speciaal onderwijs en regulier basisonderwijs vorm gekregen.

Registratie LBRT
Vernieuwingen en aanpassingen procedure Primair en Voortgezet Onderwijs.

Herm Verbugt en Joep van Vugt

In de statuten van de vereniging zijn de kwaliteitseisen voor remedial teaching geformuleerd. Vanaf l995 is het mogelijk om de registratie aan te vragen. We hebben altijd gevonden dat een goede remedial teacher zich laat registreren en geeft hiermee aan dat zij/hij voldoet aan de eisen die een werkgever of een leerling aan dit vak mag stellen. Een aantal leden heeft zich laten registreren en dat zijn er eigenlijk nog te weinig. Daarnaast is het logisch dat we met de ontwikkelingen in de r.t.-opleidingen meegaan en ook anticiperen op vernieuwde inzichten op handelingsplanning en remediëring. Het bestuur heeft daarom een aantal besluiten genomen om de registratie te vernieuwen en aan te passen aan de veranderingen in het onderwijsveld.

Voor u gesignaleerd

Aangepaste uitvoeringen van centrale examens

Sinds jaar en dag worden ten behoeve van kandidaten met een handicap aangepaste uitvoeringen van de centrale examens geleverd. Bij de levering van 2005 zijn enkele zaken gewijzigd. Uitgebreide informatie daarover is aan alle scholen gestuurd via een Cd-rom van de Informatie Beheer Groep. Hieronder volgt daaruit een samenvatting van de belangrijkste informatie.

Bureau LBRT | Kosterijland 7 | 3981 AJ Bunnik | tel 030-6571020
© 2001-2007 Landelijke Beroepsvereniging Remedial Teachers

niet ingelogd