Anny Hermans-Franssen
De vraag die leerkrachten vaak stellen wanneer zij een leerling met autisme1 in de groep hebben, is: kan hij het niet of wil hij niet? Het leerprofiel van normaal begaafde leerlingen met autisme vertoont sterke en zwakke vaardigheden. Het is niet eenvoudig om de werkelijke mogelijkheden van deze leerlingen in te schatten. Om deze leerlingen een adequate leeromgeving te kunnen bieden, is inzicht nodig in hun leerstijl en hun onderwijsbehoeften. De eerste stap daartoe is kennis verwerven van de uitingsvormen van de stoornis. In dit artikel staat de vraag centraal hoe leraren gedrag van leerlingen, dat mogelijk wijst op een autisme spectrumstoornis, kunnen herkennen. Leraren en remedial teachers kunnen door observaties van het gedrag van de leerling belangrijke informatie verzamelen en daarmee bijdragen aan het diagnostisch proces.
Heleen Wientjes
Een avond op school, ouders, aankomende brugklassers. Het gaat over de nieuwe plus-klas waar de school komend jaar mee gaat beginnen. Enthousiaste docenten vertellen over de manier waarop daar gewerkt gaat worden. Een van de toekomstige leerlingen steekt zijn vinger op en zegt: 'Ik zeg 't maar al vast, ik ben iemand die kan niet samenwerken. Dat hoeft toch zeker niet perse … toch?'.
De vergaderingen van de redactie van dit tijdschrift zijn al jaren een bron van inspiratie rondom remedial teaching. Je benadert auteurs, je leest de ingezonden artikelen en beoordeelt de inhoud in relatie tot wat een remedial teacher er in de schoolpraktijk of in een eigen praktijk mee kan doen. Veel scholen hebben een abonnement, dus veel leraren nemen kennis van de inhoud. Dit is de voornaamste reden van het bestaan en in stand houden van ons tijdschrift, waar veel leden zich ook nauw bij betrokken voelen. Jarenlang is het beleid dat remedial teaching structureel deel uit moet maken van de zorgstructuur op school. We constateren echter steeds meer dat er een ontwikkeling op gang gekomen is dat remedial teaching buiten school gaat plaatsvinden. De intern begeleider eist meer tijd en faciliteiten om de opgedragen taken naar behoren te kunnen uitvoeren. Leraren vinden, denk ik terecht, dat hun groepen niet te groot moeten worden, zeker met de te verwachten problematiek binnen de kaders van passend onderwijs.
Astrid Scholten en Ben Hamerling
Kalligrafie wordt wel gezien als een vaardigheid die sommigen zich op een cursus verwerven en deze vaardigheid zal niet gauw in verband gebracht worden met de mogelijkheid om slechte handschriften te verbeteren. Toch kan inzicht in kalligrafie en lettervormgeving de remedial teacher van dienst zijn bij het verbeteren van het handschrift.
Astrid Kruythoff-Broekman
Met de toenemende digitalisering worden lezen en leren steeds meer activiteiten die vanachter de computer gebeuren. Er zijn ondertussen verschillende elektronische woordenboeken op de markt die hierbij ingezet kunnen worden. Ten opzichte van gedrukte woordenboeken hebben elektronische woordenboeken als groot voordeel dat het opzoeken van een woord over het algemeen makkelijker en vlotter verloopt. Het is bij elektronische woordenboeken niet noodzakelijk dat de leerder de woorden op alfabetische volgorde kan plaatsen. Vooral voor dyslectische scholieren kan dit een vereenvoudiging zijn. Het woordenboek is voor deze scholieren extra van belang, omdat zij vaak minder woorden tot hun beschikking hebben in de vreemde taal dan hun niet-dyslectische leeftijdsgenoten.
Bureau LBRT | Kosterijland 7 | 3981 AJ Bunnik | tel 030-6571020niet ingelogd