Anny Hermans-Franssen
In dit artikel wordt ingegaan op de andere cognitieve stijl van mensen met autisme. Hun manier van denken heeft gevolgen voor het leren op school. Over het denken van mensen met autisme is inmiddels een drietal theorieën geformuleerd, de theorie van de zwakke centrale coherentie, de zwakke theory of mind en de afwijkende executieve functies. Enkele cognitieve functies die van belang zijn voor het leren op school worden in dit artikel besproken.
Het zal niemand ontgaan dat in de media wekelijks geschreven wordt over de kwaliteit van ons reken- en wiskundeonderwijs. Zo heeft het Projectbureau Kwaliteit dat werkt onder verantwoordelijkheid van de PO-Raad een brochure samengesteld om scholen aan te zetten om hun rekenonderwijs te verbeteren. In het voorwoord stelt Kete Kervezee, voorzitter van de PO-Raad, dat, met inachtneming van de verschillen, vrijwel alle kinderen kunnen leren rekenen.
Marcel van Herpen
Een avond op school, ouders, aankomende brugklassers. Het gaat over de nieuwe plus-klas waar de school komend jaar mee gaat beginnen. Enthousiaste docenten vertellen over de manier waarop daar gewerkt gaat worden. Een van de toekomstige leerlingen steekt zijn vinger op en zegt: "Ik zeg 't maar al vast, ik ben iemand die kan niet samenwerken. Dat hoeft toch zeker niet perse? toch?"
Clemens Klinkum en Liesbeth Tilanus
Veel rekenproblemen in het basis- en speciaal onderwijs ontstaan omdat leerlingen met een zwak fundament te vroeg met het formele rekenen worden geconfronteerd. De voorwaarden om te rekenen zijn bij hen onvoldoende ontwikkeld om zich in het formele rekenen te kunnen ontplooien.
Ilja Hoogenberg-Engbers
In de ontwikkeling van kinderen en adolescenten kunnen boeken verschillende functies hebben. Naast bijvoorbeeld het bevorderen van de cognitieve ontwikkeling kunnen boeken ook worden gebruikt om de sociaal-emotionele ontwikkeling te ondersteunen (Halsted, 1990). Wanneer literatuur wordt gebruikt om persoonlijke gebeurtenissen en veranderingen te ondersteunen, kan dit worden omschreven met de term bibliotherapie. Bibliotherapie wordt de laatste jaren succesvol ingezet bij de begeleiding van uiteenlopende doeleinden. De inzet van bibliotherapie is onder andere succesvol gebleken bij de beïnvloeding van het zelfconcept van adolescenten met leerproblemen, bij het verminderen van angsten voor wiskunde bij leerkrachten in opleiding en bij de ondersteuning van kinderen van gescheiden ouders (Myracle, 1995, Wilson & Thornton, 2006). Bij de begeleiding van hoogbegaafde kinderen en adolescenten kan bibliotherapie ook van betekenisvolle waarde zijn (Hübert & Kent, 2000).
Agnes van der Weerden
Leesproblemen en/of dyslexie hebben altijd te maken met geschreven taal. Juist die geschreven taal zorgt bij dyslectici voor problemen: het lezen van teksten op een hoger niveau en tegelijk bezig zijn met de inhoud (ook wel dubbeltaken genoemd) is een complex geheel. Door een lager technisch leesniveau zijn leerlingen vaak ook minder gemotiveerd om te lezen. En dat terwijl zij intelligent genoeg zijn om de tekst te begrijpen (Sebregts, 2003). Dyslectische leerlingen moeten kunnen blijven profiteren van de onderwijsvorm die het best aansluit bij hun intellectuele mogelijkheden. Het mag niet zo zijn dat dyslectische leerlingen belemmerd worden in het volgen van de opleiding die cognitief gezien bij hen past. Daarvoor zijn passende compenserende en remediërende maatregelen nodig. Vooral compenserende software kan bijdragen aan het goed omgaan met dyslexie.
Bureau LBRT | Kosterijland 7 | 3981 AJ Bunnik | tel 030-6571020niet ingelogd